Wat als...
Deze plek was gebleven wat het was: een school.
Een fijne school. Met een leerkracht en kinderen. Vrolijke stemmen, levenslessen, Hebreeuws, want het was een bijzondere school,
een plek voor vriendschappen, gekibbel, gewoon schoolgedoe en huiswerk.
Wat als
René Simon van Dam 9 jaar
Levie Israëls ook 9 jaar
Frouwke Oudgenoeg pas 11
nooit hadden geweten waar Auschwitz lag en daarmee wellicht een onvoldoende voor topografie hadden gehaald,
maar zeker waren geslaagd in leven.
Wat als de kleine
Izaäk van Dam 2 jaar
Izak Levij 1 jaar
Rika Oudgenoeg 2
in plaats van als een voorwerp, een niet-menszijn, een ding afgevoerd. In een treinstel. Om eufemistisch gezegd: niet meer terug te komen.
aan de hand van hun trotse ouders, allen blakend van Leeks welvaren hun eerste stappen over hier over de drempel hadden kunnen zetten.
Welkom. Fijne eerste schooldag.
Wat als de namen hier geschreven, niet waren gewist uit het ademende bestaan van dit dorp.
Denneboom, Israels, Benima, Levi, van Dam, de Groot, van Hasselt , Woudstra, Wolf, Levij, de Jonge, Oudgenoeg, Cohen, Zadoks
van Coevorden, Polak, van Essen, Duitscher, de Vries, Gudema, van der Wijk, Stein, Vissel, Bollegraaf.
de haat niet de kans had gekregen. Toen niet. Nu niet.
Wat als…
je nu stopt met het voeden van die nog steeds draaiende haatmachine. Met het geroddel, het buitensluiten, het antisemitisme en vluchtelingenhaat
Met “ jij komt hier niet weg”
Wat als je iedereen wel
een fijne school gunt?