MUSEUM JOODSE SCHOOLTJE
JOODSE
SCHOOLTJE

Op 10 mei 1940 viel het Duitse leger Nederland binnen en op 17 mei capituleerde heel Nederland. 

De Joodse inwoners van Leek kregen na het uitbreken van de oorlog te maken met de beperkingen die de Duitse bezetter de Joden oplegde. Ook zij moesten in het voorjaar van 1942 een Davidsster op hun bovenkleding dragen. In de zomer van 1942 werden eerst de Joodse mannen tussen de 18 en 55 jaar oud opgepakt en te werk gesteld in zogenaamde 'werkkampen'. De Joodse mannen uit Leek werden direkt naar het 'werkkamp' Westerbork gestuurd. De meesten van hen werden op het eerste transport op 15 juli 1942 uit Westerbork naar Auschwitz afgevoerd. In de herfst van 1942 op vrijdagavond 27 november werden (bijna) alle andere Joodse inwoners opgepakt. Sommigen hielden de moed erin en dachten weer herenigd te worden met de in de zomer opgepakte en ''te werk gestelde'' mannen. Allen zijn vanuit het gemeentehuis in Leek met de Drachtster Tram via Groningen naar Westerbork weggevoerd. De laatste kleine groep achterblijvers zijn in februari 1943 opgepakt. Van de jongste, de één jaar oude Izak Levij tot de oudste, de 86 jarige Mozes Cohen, keerde alleen één persoon uit de kampen terug, eenenzestig weggevoerde Joodse mensen werden vermoord.